Uitspraak RvD Amsterdam op klacht 17-826/A/A

Uitspraak RvD Amsterdam op klacht 17-826/A/A

De raad van discipline Amsterdam heeft een tuchtklacht van een ontslagen werknemer tegen de advocaat van zijn ex-werkgever ongegrond verklaard. De klacht werd 19 februari 2018 op zitting behandeld.

De klacht

Klager klaagde over het optreden van de advocaat van zijn ex-werkgever in de ontslagzaak en beriep zich daarbij op Gedragsregels 30, 18 en 10. Klager vond dat de advocaat in die zaak: 1) de kantonrechter onjuist had geïnformeerd en 2) ten onrechte een brief had gestuurd aan de voormalige advocaat van klager.

Oordeel van de tuchtrechter

De tuchtrechter ziet dat anders:

1) De advocaat heeft de kantonrechter niet onjuist geïnformeerd, onder meer omdat de feiten uit de stukken die de advocaat aan de kantonrechter stuurde voldoende duidelijk bleken.

2) Een advocaat mag niet achter de rug van de andere advocaat om met diens cliënt in contact treden. Die situatie doet zich hier niet voor, nu niet met de cliënt maar met zijn voormalige advocaat in contact is getreden. Advocaten mogen geen vertrouwelijke informatie aan een derde verstrekken zonder toestemming van de eigen cliënt. De voormalige advocaat van klager is echter geen willekeurige derde en heeft bovendien een geheimhoudingsplicht. Dus als de privacy van klager al is geschonden, is die schending zeer beperkt gebleven.

Al met al: klacht ongegrond.

Hoger beroep

Tegen de beslissing van de raad staat nog hoger beroep open bij het Hof van Discipline.

Wat is de raad van discipline?

De vier raden van discipline zijn bij wet ingestelde, onafhankelijke tuchtcolleges. Zij zijn geen onderdeel van de Nederlandse Orde van Advocaten. Een raad van discipline behandelt in eerste aanleg tuchtklachten tegen advocaten.

Publicatie uitspraken

U vindt de geanonimiseerde uitspraak hier.

Alle uitspraken van de raden en het Hof van Discipline worden geanonimiseerd gepubliceerd op www.tuchtrecht.nl.